© NVOG *
Bekkenbodem problemen bij vrouwen
INHOUDSOPGAVE
Inleiding
Bouw en werking van de bekkenbodem
Stoornissen in de werking van de bekkenbodem
::Klachten van een te zwakke bekkenbodem
-- Een verzakking
-- Ongewenst verlies van urine
-- Moeite met het ophouden van de ontlasting
-- Seksuele problemen
::Klachten van een te sterk gespannen bekkenbodem
::Hoe beleven vrouwen bekkenbodemklachten?
Waardoor functioneert de bekkenbodem niet goed?
Hoe vaak komen klachten van de bekkenbodem voor?
Onderzoek
::Gesprek
::Gynaecologisch onderzoek
::Urine-onderzoek
::Urodynamisch onderzoek (UDO)
::Defecogram
Behandelingsmogelijkheden
::Fysiotherapie
::Medicijnen
::Een ring of pessarium
::Gebruik van andere hulpmiddelen
::Hulp bij seksuele problemen
::Operatieve behandelingen
::Kiezen voor een behandeling
::Door wie wordt u behandeld bij klachten van de bekkenbodem?
::Als er geen behandeling mogelijk is
::Het gebruik van incontinentiemateriaal
Algemene adviezen bij zwakke bekkenbodemspieren
Nog vragen
Meer informatie
Inleiding
Verschillende klachten kunnen te maken hebben met de bekkenbodem. Voorbeelden
zijn: moeite hebben met het ophouden van de urine, het gevoel hebben dat er iets
uit de schede naar buiten zakt, aan verstopping lijden of juist ontlasting verliezen.
De bekkenbodem, de blaas, de darmen en de schede liggen dicht tegen elkaar aan.
Vaak komen daarom tegelijkertijd verschillende klachten voor. Veel vrouwen hebben
het gevoel dat er weinig aan hun klachten te doen is. Toch zijn er verschillende
goede behandelingen voor bekkenbodemproblemen. Het is dan ook belangrijk dat
u al uw klachten met de huisarts of gynaecoloog bespreekt, ook al is dit moeilijk
of schaamt u zich voor bepaalde klachten.
In deze brochure geven wij informatie over verschillende soorten bekkenbodemklachten
en mogelijke onderzoeken en behandelingen.
Uw behandelend arts geeft verdere informatie. Sommige onderwerpen worden in aparte
folders uitgebreider besproken. Zij staan aan het einde van deze brochure vermeld.
U kunt uw gynaecoloog erom vragen.
Bouw en werking van de bekkenbodem
De bekkenbodem bevindt zich aan de onderzijde van het bekken en vormt samen met
de botten van het bekken de onderkant van de buikholte. Door de bekkenbodem lopen
de blaas en urinebuis (urethra), de schede (vagina) en het uiteinde van de dikke
darm (rectum). Ze worden op hun plaats gehouden door spieren van de bekkenbodem
en ophangbanden die vastzitten aan de botten van het bekken. Bij bewegingen als
hoesten of lachen neemt de druk in de buik toe.
De bekkenbodem houdt dan alle organen op hun plaats. Zenuwen, banden en spieren
van de bekkenbodem zorgen ervoor dat u de blaas, de darm en de schede af kunt
sluiten als u dat wilt. Door de bekkenbodemspieren te ontspannen kunt u plassen,
gemeenschap hebben of ontlasting hebben. Om urine en ontlasting kwijt te raken
moeten ook de blaas en dikke darm normaal werken en zich kunnen samentrekken
en verslappen.
Samengevat zorgt de bekkenbodem er dus voor:
- dat de buikholte wordt afgesloten, zodat buikorganen niet naar buiten komen
- dat u urine en ontlasting niet ongewenst verliest
- dat u als u dat wilt kunt plassen en ontlasting kunt hebben
- dat u gemeenschap kunt hebben

Op de tekening ziet u een zijaanzicht van de verschillende organen in de bekken
bodem.
Stoornissen in de werking van de bekkenbodem
Normaal zijn de spieren van de bekkenbodem een beetje aangespannen, niet te weinig
maar ook niet te veel. U kunt dit een beetje vergelijken met een elastiek: wanneer
het te strak gespannen staat, is er weinig of geen veerkracht, en als er geen
spanning op het elastiek zit, hangt het te los en verliest het ook zijn werking.
Ook de bekkenbodem kan te slap zijn of juist te sterk aangespannen.
:: Klachten van een te zwakke bekkenbodem
Door een verzwakte bekkenbodem kunnen klachten optreden van een verzakking. Als
de blaas en urinebuis niet goed werken kunt u ongewild urine verliezen (urine-incontinentie).
Soms is het moeilijk goed uit te plassen of is er sprake van vaak of snel aandrang
hebben om te plassen.
U kunt voortdurend last hebben van blaasontstekingen. Als het uiteinde van de
dikke darm (rectum) niet goed werkt is de ontlasting vaak moeizaam (verstopping
of obstipatie). Soms is het juist moeilijk de ontlasting op te houden zodat u
deze ongewild verliest (ontlastings-incontinentie). Ook kunnen er andere klachten
zijn zoals onderbuikpijn, moeheid, pijn in de liezen, de benen of laag in de
rug. Seksuele klachten komen ook vaak voor. De verschillende klachten worden
hieronder besproken.
-- Een verzakking
Bij een verzakking kan de blaas, het rectum (het uiteinde van de dikke darm)
of de baarmoeder via de schede naar buiten zakken. Als de blaas verzakt is, ziet
u een uitpuiling in de vorm van een ronde bol aan de voorkant van de schede.
Bij een verzakking van het rectum kunt u zo'n uitpuilende bol aan de achterkant
van de schede zien. Als de baarmoeder verzakt is, ziet of voelt u vaak de baarmoedermond
bij de ingang van de schede. Nogal eens zijn verschillende organen tegelijkertijd
verzakt.
Door een verzakking kunt u een zwaar gevoel in de schede (vagina) hebben. Soms
is er het gevoel dat er iets naar buiten komt, alsof u een bal tussen uw benen
hebt. Een zeurderig gevoel in de onderbuik dat uitstraalt naar de rug is niet
ongebruikelijk, met soms extreme moeheid als gevolg. Zitten en fietsen kunnen
problemen opleveren. Vaak verergeren de klachten in de loop van de dag of na
inspanning; na rust verbeteren ze meestal.
Bij een blaasverzakking kan het moeilijk zijn de urine op te houden. Bij een
grote verzakking van de blaas is het juist soms moeilijk om uit te plassen.
Bij een verzakking van de darm kunt u vaak moeilijk de ontlasting kwijtraken,
ook al voelt u aandrang. Soms komt de ontlasting spontaan tijdens het plassen.
Ook het gevoel dat er na het ontlasten nog iets achterblijft is niet ongebruikelijk.
Door verstopping kunnen aambeien ontstaan en bij een enkele vrouw komt het laatste
stuk van de dikke darm (rectum) naar buiten. Niet alle verzakkingen geven klachten.
Als er geen klachten zijn, is behandeling niet nodig.
Bekijk afbeeldingen van verschillende verzakkingen
-- Ongewenst verlies van urine (urine-incontinentie)
Inspannings-incontinentie (stress-incontinentie)
Deze vorm van urineverlies komt voor bij inspanning zoals tillen, sporten of
springen. Dit wordt ook 'stress-incontinentie' genoemd. Met
'stress' wordt hier bedoeld dat het urineverlies optreedt als de druk
in de buikholte plotseling toeneemt door het aanspannen van de buikspieren. Dit
gebeurt bijvoorbeeld bij niezen, hoesten, lachen, tillen, sporten of plotseling
opstaan. U verliest dan urine zonder dat u aandrang voelt.
Aandrang-incontinentie (urge-incontinentie)
Bij aandrang-incontinentie hebt u zeer vaak aandrang om te plassen. Elk half
uur is niet ongebruikelijk. Soms is de aandrang zo sterk of plotseling dat u
het toilet niet op tijd haalt. Verandering van lichaamshouding, lopen of het
horen van stromend water veroorzaakt soms ook urineverlies. Het urineverlies
kan ook 's nachts optreden. Deze vorm van urine-incontinentie heeft meestal
niets te maken met een zwakke bekkenbodem, maar wordt veroorzaakt door een stoornis
van de blaas of van de zenuwvoorziening van de blaas.
Gemengde incontinentie
Nogal wat vrouwen hebben zowel last van aandrang- als van inspanningsincontinentie.
Voor de behandeling is het belangrijk te onderzoeken welke vorm het zwaarst weegt.
-- Moeite met het ophouden van de ontlasting
(ontlastings-incontinentie)
Hierbij hebt u het gevoel dat u bij aandrang de ontlasting nauwelijks kunt ophouden
en dat u moet rennen om op tijd bij het toilet te komen. Soms is er verlies van
ontlasting zonder aandrang. Ook kan het moeilijk zijn winden goed op te houden.
-- Seksuele problemen
Bij een zwakke bekkenbodem kunnen er klachten zijn zoals minder
'gevoel' hebben bij het vrijen, moeilijker tot een orgasme komen of urineverlies
tijdens het vrijen of bij een orgasme. Als er ook een verzakking bestaat is de
gemeenschap soms moeilijker of pijnlijker.
Veel vrouwen en hun partners zijn bang voor beschadiging bij seksuele gemeenschap,
maar dat hoeft niet: het weefsel van de schedewand is heel soepel en geeft mee
bij de gemeenschap.
:: Klachten van een te sterk gespannen bekkenbodem
Om de blaas en darmen goed te kunnen legen is het belangrijk dat u de bekkenbodemspieren
op tijd kunt ontspannen. Soms is dit moeilijk en spant u de spieren zelfs aan.
U drukt dan als het ware tegen een weerstand in en het is dan moeilijk de blaas
en/of de darmen goed te legen. De urinebuis kan zich vernauwen en de kringspier
rond de anus kan als het ware 'op slot'
gaan. Ook de spieren die de ingang van de schede afsluiten zijn dan vaak gespannen.
Veel voorkomende klachten bij een te gespannen bekkenbodem zijn:
- veelvuldig plassen, soms wel 10-20 keer per dag en ook meerdere malen
's nachts; een 'onderbroken straal' of een moeilijk begin van het
plassen is niet ongebruikelijk
- steeds terugkerende blaasontstekingen
- problemen met de ontlasting zoals afwisselend verstopping en diarree, aambeien,
of het gevoel dat er iets achterblijft
- seksuele problemen zoals pijn tijdens het vrijen en een stekend of brandend
gevoel bij de ingang van de schede
- langdurige pijn in de onderbuik, het bekken, de rug of de liezen
:: Hoe beleven vrouwen bekkenbodemklachten?
In onze westerse cultuur leren kinderen op jonge leeftijd dat urine en ontlasting
vies zijn. Er rust dan ook een taboe op het bespreken van klachten over plassen
of ontlasten. Zelfs een gesprek met de naaste familieleden of de partner is vaak
moeilijk. Vrouwen voelen zich dan ook nogal eens alleen staan met deze klachten.
De kwaliteit van leven kan sterk verminderen door gevoelens van schaamte en je
vies voelen, de geur van urine of ontlasting, de angst voor ontdekking door buitenstaanders,
het uit de weg gaan van seksueel contact of het uitstellen van zoeken naar deskundige
hulp. Ook klachten over het naar buiten zakken van tampons, over het verliezen
van water uit de schede na het nemen van een bad, of over 'windjes' uit
de schede zijn soms moeilijk bespreekbaar.
Vrouwen reageren heel verschillend op problemen met urine, ontlasting of seksualiteit:
de ene vrouw gaat diep gebukt onder haar urineverlies, een andere gaat hier veel
gemakkelijker mee om. Het is daarom belangrijk dat u behalve de klachten ook
uw emoties bespreekt met de arts, fysiotherapeut, seksuoloog of verpleegkundige.
Waardoor functioneert de bekkenbodem niet goed
Er bestaan verschillende oorzaken voor een zwakke bekkenbodem. Door een bevalling
kunnen zenuwen die de bekkenbodemspieren aansturen beschadigd raken.
Bindweefsel dat deel uitmaakt van de bekkenbodem raakt soms verzwakt als gevolg
van een bevalling. Op oudere leeftijd worden de bekkenbodemspieren net als andere
spieren bij veel vrouwen zwakker. Lichamelijk zwaar werk, overgewicht en veelvuldig
hoesten als gevolg van roken of longaandoeningen zorgen voor langdurige overbelasting
van de bekkenbodem. Bij sommige vrouwen is er een aangeboren zwakte van bindweefsel.
Zij hebben ook meer kans om last te krijgen van spataderen of breuken.
Een te gespannen bekkenbodem heeft vaak een psychologische oorzaak. Het gebruik
van de bekkenbodem is een leerproces. Daarin kan op vele manieren iets fout lopen,
zoals een opvoeding waarin benadrukt wordt dat het onderlichaam vies is. Maar
ook een te vroege of te intensieve zindelijkheidstraining en negatieve seksuele
ervaringen zoals verkrachting of incest kunnen een rol spelen.
Hoe vaak komen klachten van de bekkenbodem voor
Verzakkingen komen vooral op oudere leeftijd voor, maar soms hebben ook jongere
vrouwen er last van. Zo bezoeken 2,5% van de vrouwen van 45 jaar en 7,5% van
de vrouwen van 65 jaar en ouder de huisarts in verband met een verzakking.
Ongewild urineverlies komt bij zeer veel vrouwen voor: één van
elke vier vrouwen heeft er wel eens last van. Lang niet altijd is het urineverlies
ernstig of treedt het elke dag op. Dagelijks voorkomend urineverlies komt voor
bij 6% van alle vrouwen. Eenderde van hen vindt dit verlies zo hinderlijk dat
zij nauwelijks de deur uit durven, bijvoorbeeld uit angst voor doorlekken of
een onaangename geur. Urine-incontinentie komt op elke leeftijd voor, maar vaker
tijdens de zwangerschap en op oudere leeftijd. Incontinentie voor ontlasting
kan voorkomen na beschadiging van de kringspier rond de anus bij een bevalling
of ook op oudere leeftijd. Vier procent van de vrouwen boven de 65 jaar heeft
er last van.
Onderzoek
:: Gesprek
Bij bekkenbodemproblemen is het belangrijk dat de gynaecoloog goed weet wat uw
klachten zijn. Daarom moet u meestal uw klachten in uw eigen woorden beschrijven.
De gynaecoloog vraagt daarna soms nog verder: hoe het gaat met plassen, ontlasting,
seksualiteit, en of er andere gynaecologische klachten zijn. Ook ziekten, vroegere
medische ingrepen, eventuele eetproblemen, medicijngebruik of zwangerschappen
kunnen ter sprake komen. Al deze onderwerpen zijn mogelijk van belang voor uw
klachten en daarmee voor verder onderzoek en behandeling.
Na het eerste gesprek volgt een gynaecologisch onderzoek. Aan de hand van uw
klachten, het gesprek en het gynaecologisch onderzoek bespreekt de arts met u
of aanvullend onderzoek noodzakelijk is.
Een aantal van deze onderzoeken wordt hieronder beschreven. Soms wordt nog meer
onderzoek geadviseerd, zoals echoscopisch onderzoek of gespecialiseerde röntgenfoto's.
De gynaecoloog geeft u dan verdere informatie.
:: Gynaecologisch onderzoek
De gynaecoloog vraagt u plaats te nemen op een gynaecologische onderzoekstoel.
U ligt met uw benen gespreid, zodat de ingang van de schede goed zichtbaar is.
Als u dat wilt, kunt u vragen of u mee kunt kijken met een spiegel.
Vaak begint de gynaecoloog met de vraag of u wilt persen. Soms is dan al een
verzakking te zien. Daarna wordt een speculum (eendenbek) in de schede ingebracht.
De baarmoedermond kan nu bekeken worden. Soms vraagt de gynaecoloog u nogmaals
om te persen. Een kleinere verzakking is zo zichtbaar.
Daarna doet de arts vaak een inwendig onderzoek (vaginaal toucher). Twee vingers
worden in de schede ingebracht en hij of zij legt de andere hand op de buik.
De baarmoeder en eierstokken worden zo afgetast. Soms vraagt de arts u nogmaals
te persen of juist om de spieren van de schede aan te spannen. Dit laatste om
de kracht van de bekkenbodemspieren te meten.
Als er ontlastingsproblemen zijn kan de gynaecoloog een vinger in de het rectum
(uiteinde van de dikke darm) inbrengen om de achterwand van de schede en de bekkenbodem
te beoordelen (rectaal toucher).
Een enkele gynaecoloog bekijkt de ingang van de schede terwijl u op uw knieën
op een onderzoekbank ligt. Zo zijn soort en ernst van de verzakking soms beter
zichtbaar.
:: Urine-onderzoek
Een urine-onderzoek kan aantonen of er sprake is van een blaasontsteking. Hiervoor
is een 'gewassen plas' noodzakelijk. U maakt hiervoor eerst de ingang
van de schede schoon. Daarna plast u een klein beetje uit, en de rest van de
urine vangt u op in een potje.
:: Urodynamisch-onderzoek (UDO)
Een urodynamisch onderzoek wordt gedaan om te bezien hoe de blaas werkt. Bij
dit onderzoek brengt de arts via de urineleider een dun slangetje (katheter)
in de blaas en vult deze met vocht. Terwijl u hoest of juist uitplast krijgt
de arts informatie over de blaasspier, de werking van de bekkenbodem en het soort
urineverlies. U krijgt voor dit onderzoek een aparte afspraak. Meer informatie
vindt u in de folder:
bekkenbodemproblemen,
urodynamisch onderzoek.
:: Defecogram
Een defecogram is een onderzoek dat gedaan wordt bij ontlastingsproblemen. Via
de anus wordt een röntgencontrastmiddel in het laatste deel van de dikke
darm (rectum) gebracht. Soms wordt ook een röntgencontrastmiddel in de schede
gebracht en krijgt u röntgencontrastvloeistof te drinken om de dunne darm
zichtbaar te maken. Terwijl u op een toilet ontlasting hebt (defeceert), worden
röntgenfoto's of een video-opname gemaakt. Zo ziet de arts hoe de dikke
darm werkt en of deze verzakt is. Soms wordt tegelijkertijd de druk in de dikke
darm gemeten. Daarvoor wordt een dun slangetje in de dikke darm gebracht.
Behandelingsmogelijkheden
Bij bekkenbodemproblemen zijn verschillende soorten behandelingen mogelijk: fysiotherapie,
medicijnen, een ring of een operatie. De soort behandeling is afhankelijk van
uw klachten en de bevindingen bij onderzoek.
Over het algemeen lijkt het logisch om met de minst ingrijpende behandeling te
beginnen. Afwijkingen van de bekkenbodem zijn niet levensbedreigend. Een beslissing
hoeft u dan ook nooit onmiddellijk te nemen. Als er niet op een eenvoudige manier
wat aan uw klachten te doen is, kan de gynaecoloog een meer ingrijpende behandeling
zoals een operatie voorstellen. U bent echter degene die de voor- en nadelen
van een behandeling tegen elkaar moet afwegen.
:: Fysiotherapie
Fysiotherapie heeft vaak als doel de bekkenbodemspieren te versterken door oefening
en training. U leert goed gebruik te maken van uw bekkenbodemspieren zodat u
meestal het urineverlies bij hoesten of lachen kunt voorkomen of verminderen.
Bij een grote verzakking biedt fysiotherapie minder mogelijkheden om uw klachten
te verhelpen. Fysiotherapie wordt soms ook geadviseerd bij klachten van een te
gespannen bekkenbodem. U leert dan juist om de spieren te ontspannen en de urine
langer op te houden. Meer informatie vindt u in de folder: Bekkenbodemproblemen, fysiotherapie
:: Medicijnen
Medicijnen kunnen zinvol zijn bij klachten van aandrang-incontinentie en bij
verstopping. Bij andere bekkenbodemklachten hebben zij vaak minder effect.
Medicijnen bij aandrang-incontinentie
Er zijn verschillende medicijnen die aandrang-incontinentie kunnen verminderen.
Ze hebben nogal eens bijwerkingen (bijvoorbeeld een droge mond). Bij aandrang-incontinentie
is vaak ook begeleiding van een fysiotherapeut zinvol om te leren de urine langer
op te houden. Dit wordt blaastraining genoemd.
Medicijnen bij verstopping
Bij klachten van verstopping (obstipatie) kunnen medicijnen de ontlasting dunner
maken. Vaak wordt eerst een dieet met veel vezels en rauwkost geadviseerd. Ook
veel drinken is belangrijk. Eventueel kunt u een verwijzing naar een diëtiste
vragen.
Medicijnen bij bekkenbodemklachten na de overgang
Naarmate de laatste menstruatie langer geleden is, maken de eierstokken steeds
minder oestrogene hormonen. Deze hormonen zorgen voor een soepele schede en blaaswand.
Door een lage hoeveelheid oestrogene hormonen in het bloed wordt de wand van
de schede en de blaas over het algemeen droger en schraler. Seksuele gemeenschap
kan dan pijnlijk zijn. Ook kunnen er steeds opnieuw blaasontstekingen optreden.
Daarom is het na de laatste menstruatie (menopauze) altijd zinvol te beoordelen
of de klachten verbeteren na het inbrengen van oestrogenen in de schede. Er zijn
tabletten, een soort zetpillen (ovules) en crèmes verkrijgbaar. De crèmes
worden via een inbrenghuls (applicator) in de schede gespoten.
:: Een ring of pessarium
Een ring, ook wel pessarium genoemd, biedt soms een oplossing voor klachten van
een verzakking of inspannings-incontinentie. Door een ring wordt een verzakte
blaas of een verzakte baarmoeder weer op de juiste plaats teruggebracht. Niet
elke vrouw met bekkenbodemklachten zal met een ring geholpen kunnen worden: de
soort verzakking en de stevigheid van de bekkenbodem spelen hierbij een rol.
Als er een goed passende ring voor u beschikbaar is, voelt u deze niet zitten,
ook niet bij seksuele gemeenschap. Een ring kan zo voor sommige vrouwen een simpele
oplossing bieden voor een vervelend probleem. Meer informatie vindt u in de folder: Bekkenbodemproblemen, ring of pessarium
24-01-09: Aanvulling ICG team
Behalve een ring zijn er tal van andere vormen mogelijk. Een daarvan is bijv. het kubuspessarium.
Kies voor de verschillende afbeeldingen een titel in het linkermenu onder Pessaria.
:: Gebruik van andere hulpmiddelen
Bij klachten over inspannings-incontinentie zijn er naast bekkenbodemoefeningen
en een ring ook nog een aantal andere mogelijkheden om de klachten te verminderen.
Een simpele oplossing is het inbrengen van een (eventueel natgemaakte) tampon
in de schede. Hierdoor wordt de overgang tussen de blaas en de urinebuis als
het ware wat naar boven gedrukt, zodat urine moeilijker wegstroomt. Voor vrouwen
die bijvoorbeeld alleen tijdens sporten last van urineverlies hebben, is dit
soms een simpele oplossing die voldoende is. Er zijn nog een aantal andere hulpmiddelen
die u zelf in de schede of de urinebuis kunt inbrengen om ongewenst urineverlies
tegen te gaan. De arts kan u hierover meer informatie geven.
:: Hulp bij seksuele problemen
Seksuologische begeleiding is zinvol als seksuele klachten op de voorgrond staan,
bijvoorbeeld bij te sterk aangespannen bekkenbodemspieren. Een seksuoloog is
een arts of een psycholoog die gespecialiseerd is in het bespreken van seksuele
problemen.
In een aantal gesprekken wordt ingegaan op uw beleving van de klachten, en wordt
gekeken of de klachten met oefeningen verholpen kunnen worden. Meer informatie
vindt u in de folder Seksuele problemen bij vrouwen. Ook andere seksuele
problemen worden in deze folder besproken.
:: Operatieve behandelingen
De gynaecoloog adviseert over het algemeen een operatie als andere maatregelen
onvoldoende mogelijkheden bieden. De soort operatie is afhankelijk van uw klachten,
het gynaecologisch onderzoek en de uitkomsten van eventueel aanvullend onderzoek.
Een operatie heeft als voordeel dat uw klachten meestal verminderen of verdwijnen.
Wel moet u altijd rekening houden met een kleine kans op complicaties of terugkeer
van de klachten na een aantal jaren. Daarnaast moet u voor veel operaties in
verband met bekkenbodemproblemen op een herstelperiode van minimaal zes weken,
maar soms ook langer, rekenen.
Zoals eerder gezegd: bekkenbodemproblemen zijn niet levensbedreigend. Er is dan
ook nooit haast bij een operatie. Meer informatie vindt u in de folder Bekkenbodem- en incontinentie-operaties.
:: Kiezen voor een behandeling
Soms is het mogelijk tussen twee behandelingen te kiezen. Bij inspannings-incontinentie
en bij een verzakking is soms zowel een behandeling met een ring als een operatie
mogelijk. Beide behandelingen hebben voor- en nadelen.
De keuze tussen een ring of een operatie hangt natuurlijk af van de vraag of
er een ring voor u is die uw klachten voldoende verhelpt. Als dat niet het geval
is, is een operatie het enige alternatief, naast het doorleven met uw klachten.
Als een ring wel past en uw klachten verhelpt, is het uw beslissing of u de ring
wilt blijven gebruiken of toch voor een operatie kiest.
Bij een ring is er altijd een kleine kans dat op latere leeftijd alsnog een operatie
noodzakelijk is. Maar ook na een operatie kan het gebeuren dat de klachten weer
terugkomen en dat er opnieuw geopereerd moet worden.
De voor- en nadelen van een ring en de overwegingen bij de keuze tussen een ring
en een operatie worden besproken in de folder Ring of pessarium bij bekkenbodemproblemen.
:: Door wie wordt u behandeld bij klachten van
de bekkenbodem?
Omdat bekkenbodemproblemen klachten van verschillende organen (urinewegen, darmen,
schede) kunnen geven, is soms onderzoek, advies of behandeling door meer hulpverleners
gewenst. Zo kan de uroloog om advies gevraagd worden als blaasklachten het belangrijkst
zijn, of een darmchirurg (proctoloog) als ontlastingsproblemen op de voorgrond
staan. Een fysiotherapeut kan oefeningen bespreken bij te slappe of te gespannen
bekkenbodemspieren, terwijl een seksuoloog u kan helpen bij seksuele problemen.
In sommige ziekenhuizen bestaat een zogenaamd bekkenbodemteam. De verschillende
specialisten van dit team onderzoeken u meestal allemaal en geven na onderling
overleg advies voor behandeling. In andere ziekenhuizen vraagt de gynaecoloog
zo nodig een van deze specialisten om raad.
:: Als geen behandeling mogelijk is
Soms zijn klachten van ongewild verlies van urine of ontlasting niet (meer) te
verhelpen. Er zijn dan verschillende mogelijkheden om met uw klachten te leren
omgaan. Incontinentiematerialen als verband of luiers kunnen zeker uitkomst bieden.
Zij zorgen ervoor dat u weinig last hebt van het verlies van urine of ontlasting
en dat de geur niet merkbaar is voor uw omgeving. Vaak is het zinvol om over
het gebruik van incontinentieverband te praten met een incontinentieverpleegkundige.
:: Het gebruik van incontinentiemateriaal
Als u last hebt van urineverlies kunt u het beste opvangmateriaal gebruiken dat
speciaal ontwikkeld is voor urine-incontinentie. Inlegkruisjes of maandverband
zijn daarvoor niet gemaakt en blijven vaak te nat. Zo ontstaat gemakkelijk huidirritatie.
Ook het wassen met zeep geeft vaak huidirritatie door verstoring van de zuurgraad
van de schede. Al bent u bang voor geurtjes, toch kunt u de schaamstreek het
beste alleen met water wassen. Opvangmateriaal ook bij het verlies van ontlasting
is bij de apotheek verkrijgbaar op recept van de huisarts of gynaecoloog. De
apotheker kan ook advies geven over speciale huidcrèmes en een proefpakket
met verschillende soorten opvangmateriaal meegeven. Bij de apotheek liggen vaak
verschillende folders over opvangmateriaal. Daarmee kunt u meestal gratis een
proefpakket met opvangmateriaal bestellen.
ALGEMENE ADVIEZEN BIJ ZWAKKE BEKKENBODEMSPIEREN
Of bekkenbodemklachten te voorkomen zijn, is moeilijk te zeggen. Voor vrouwen
die nog kinderen willen krijgen, luidt het advies om al tijdens de zwangerschap,
maar zeker na de bevalling oefeningen te doen om de bekkenbodemspieren te versterken.
Maar het is niet altijd mogelijk (verergering van de) bekkenbodemklachten te
voorkomen. Wel moet u er rekening mee houden dat zolang u borstvoeding geeft,
het herstel van de bekkenbodem vaak traag verloopt.
De eierstokken maken dan weinig oestrogene hormonen, zodat de wand van de schede
vaak droog aanvoelt en ook de ophangbanden nog niet hun oude stevigheid terugkrijgen.
Bij een zwakke bekkenbodem is het belangrijk de bekkenbodemspieren door middel
van oefeningen te trainen. Een gespecialiseerde fysiotherapeut kan u hierover
adviezen geven. Vaak verbeteren de klachten, in andere gevallen kunt u voorkomen
dat ze verergeren of na een operatie terugkeren. Deze oefeningen blijven dus
ook na een eventuele operatie op lange termijn belangrijk. Daarnaast is het verstandig
om te proberen te voorkomen dat de bekkenbodem te veel belast wordt. Enkele algemene
adviezen zijn:
:: Dieet
Een vezelrijk dieet en veel drinken kunnen helpen de ontlasting soepel te houden.
Zo voorkomt u verstopping en onnodig persen. Minimaal 1,5 liter vocht (inclusief
koffie en thee) per dag is verstandig, maar meer dan 2,5 liter is niet nodig.
:: Overgewicht
Bij overgewicht neemt de belasting van de bekkenbodem toe. Het verminderen van
overgewicht (minder eten, meer bewegen) is dan ook van belang.
:: Zwaar tillen
Bij klachten over een zwakke bekkenbodem kunt u veel en zwaar tillen beter achterwege
laten. Tegen normale tilwerkzaamheden (boodschappen doen, stofzuiger de trap
opdragen) bestaat geen bezwaar. Als u beroepsmatig zwaar lichamelijk werk verricht,
is het verstandig met uw gynaecoloog en eventueel uw bedrijfsarts te overleggen.
:: Roken
Met name bij hoesten ontstaat er veelvuldig een sterke belasting van de bekkenbodem.
Het is dan ook verstandig de kans op hoesten te verkleinen door met roken te
stoppen.
:: Strakke kleding
Door het dragen van strakke korsetten of strakke broeken neemt de druk in de
buik toe en daarmee de belasting van de bekkenbodem. Buik- en bekkenbodemspieren
worden minder gebruikt en kunnen zo verslappen. Het dragen van ruime kleding
is daarom beter.
:: Sporten
Bij een zwakke bekkenbodem zijn sporten waarbij u veel moet springen op een harde
onderlaag (volleybal) of waarbij de druk in de buik sterk verhoogd wordt (aerobics)
niet verstandig. Beter is het om een sport te kiezen waarbij de bekkenbodem minder
wordt belast. Voorbeelden zijn zwemmen, schaatsen, fietsen, tafeltennis en golfen.
Nog vragen
Aarzel niet vragen of onduidelijkheden met uw gynaecoloog of huisarts te bespreken.
MEER INFORMATIE
Aanvullende brochures en folders die bij deze brochure horen
(www.nvog.nl , rubriek voorlichting)
Op deze site:
Urodynamisch onderzoek bij bekkenbodemproblemen
Fysiotherapie bij bekkenbodemproblemen
Ring of pessarium bij bekkenbodemproblemen
Bekkenbodem- en incontinentie-operaties
Seksuele problemen bij vrouwen
(deze folder geeft ook informatie over andere seksuele problemen)
Boeken
Kerrebroeck, Ph.E.V.van (red.). Spreekuur thuis: Omgaan met incontinentie; 2e
druk. Wormer: Immerc, 1996; m.m.v. Stichting Incontinentie Nederland en SCA Mölnlycke
. ISBN 90 6611 075 9.
Telefonische informatie
Tena-informatielijn (gratis): 0800-0227500.
Video, boek en cassette
Teleac: Ongewild urineverlies, u kunt er iets aan doen
Het bij deze cursus behorende boek is te bestellen bij de boekhandel *.
De video van de televisieafleveringen en de geluidscassette met oefeningen zijn
te bestellen bij Teleac, afdeling verkoop: 035 - 6293456
* 24-06-05 informatie toegevoegd door het ICG team:
Het boek is uitverkocht.
De video bestaat uit 6 afleveringen van 25 minuten en kost € 68,07.
De geluidscassette met gedragstherapeutische en fysiotherapeutische oefeningen
kost € 4,54.
Andere brochures en folders
- Incontinentie: Tabee Taboe
- Bedplassen bij volwassenen
- Het voorkomen van obstipatie, Maag Lever Darm Stichting
|
| Print | Index | Sluit dit venster |
* NVOG rubriek
voorlichting
Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie